Menu Sluiten

Het sprookje van Ibe, Cériel en Linde

In de hoofdrollen: Hongervosje, Bumblebee, Leo Maat

Leo Maat kreeg van de Kerstman een bouwdoos. Daar was hij
erg blij mee. Het werd een mooie, gele robot, die kon
veranderen in een gele sportwagen.
De robot kwam die nacht echter tot leven en ging de straat op.
Bumblebee komt een zwart, harig dier tegen met een grote
mond.
Wie ben jij? vroeg Bumblebee aan het zwarte diertje.
Ik ben hongervosje. Ik heb altijd honger. Ik kwam net van de
take away. Zin om wat mee te eten?
Ja, graag. Wat heb je mee om te eten?
Spaghetti!
O lekker… Denk ik. Want ik at dat nog nooit. Kom je mee naar
mijn huisje?
Ok.
Ze gaan aan tafel zitten en beginnen te smullen.
Hmm, lekker meent robot. Hongervosje hapt en hapt en… ’t is
al op. Hij laat een grote, LUIDE boer!
Dat was luid. Jij moet wel pardon zeggen.
Pardon.

Leo werd wakker van het geluid. Vreemd, het ruikt hier naar
spaghetti. Leo gaat kijken.
Hij vindt Bumblebee en een harig, zwart diertje in de keuken.
Hij denkt dat hij nog droomt.
Wie ben jij? Vraagt ie?
Ik ben hongervosje en heb steeds honger. Dus ik haal nog wat
te eten. Daag!
Leo haalt zijn schouders op en begrijpt er niks van. Wat een
gekke droom en kruipt terug in zijn bed. Even later droomt hij
van… spaghetti!
Lekker EINDE.