In de hoofdrollen: Sis de slang, draakje, Bob de kabouter
Sis, draak en Bob waren in het bos verstoppertje aan het
spelen. Draakje moest tellen en zoeken. 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8,
9, 10, 11, 13, 18, 15, 19, 20! (Draakje kon nog niet zo goed
tellen 😀 ) Wie niet weg is, is gezien! Ik kom jullie zoeken!
Draakje had Sis algauw gevonden. Sis zat verstopt onder een
struik, maar zijn staart kwam er nog een halve meter van
onder 😀
Zzzo ssssnel…Hoe issss dat mogelijk? Dacht Sis.
Ze gingen op zoek naar Bob.
Ze zochten achter elke boomstam, onder de struiken, in de
kruinen, zelfs in het hol van vos. Maar Bob was nergens te
bespeuren.
Ze hadden werkelijk overal gezocht.
Ze riepen luid BOOOOOOOB waar ben je?! Maar ze kregengeen
reactie.
Misschien zit Bob verstopt in één van de huizen aan de rand
van het bos daar?
Dus daar gingen ze kijken.
In het eerste huis vonden ze een oud vrouwtje met 7 katten en
een kikker. Daar was Bob niet.
In het tweede huis vonden ze een uil. Maar die lag te slapen,
want ja uilen zijn nachtvogels. Ook daar was geen Bob te
vinden.
Het derde huis, was het huis van kabouter Bob zelf.
Draakje dacht dat hij zich toch zeker niet in zijn eigen huis zou
verstoppen, dus dat ze daar niet moesten kijken.
Maar Sis wou toch zoeken. In je eigen huis, ken je immers de
beste verstopplaatsen!
Toen ze binnen gingen hoorden ze een ronkend geluid. Wat is
dat? De boze wolf? Ze gingen voorzichtig op zoek.
Hij zat … niet onder de trap, niet in de kelder, niet op zolder,
niet in de kleerkast. Toen ze in zijn slaapkamer kwamen, werd
het ronkende geluid harder. Het kwam van onder het bed. Daar
lag kabouter Bob te slapen. Hij was in slaap gevallen omdat hij
zo lang moest wachten tot ze hem vonden.
Booob, wakker worden. We hebben je gevonden!
Hu? Wat? Ben ik nu gewonnen met verstoppertje spelen?
Een uitgerust EINDE.
